De kappersbranche in Rotterdam floreert. Het aantal kapsalons dat zich heeft gevestigd in de stad was nog nooit zo hoog. De teller staat op 800.

Keuze te over voor wie in Rotterdam van coupe wil veranderen. De stad heeft op dit moment 800 kapsalons en is met dat aantal een van de grootste ‘haarsteden’ van Nederland. Naast de grote ketens ook veel gemoedelijke, kleine eenmanszaken. Volgens Rob Vos directeur van de Algemene Nederlandse Kappers Organisatie (ANKO) ligt het aantal salons een stuk hoger dan vijf jaar geleden. “Landelijk is er een stijging te zien en ook Rotterdam doet daar niet voor onder. Ik heb geen exacte cijfers hoe de stad zich verhoudt tot andere grote steden.”

 
Gek genoeg klitten die kapsalons in Rotterdam allemaal samen. Alleen in de Witte de Withstraat al vindt de consument vijf salons over een lengte van 320 meter. Slecht voor de concurrentie? Nee, zegt Kamilia Homri, werkzaam bij haarketen Sjenkels.  “Ik denk dat het juist goed is om veel salons in één straat te hebben. Mensen die hun haar willen laten doen komen dan automatisch hier uit. En als ze dan toch door de straat lopen, dan kan het zomaar zijn dat ze denken: die salon ziet er goed uit, ik ga daar eens naar binnen.”
 
Voor een knipbeurt inclusief föhnen betaalt de consument bij Sjenkels gemiddeld vijftig euro. Een aardige greep in de portemonnee, maar die prijs wijkt niet veel af van wat de andere vier winkels in de straat rekenen. “Vooral in het onderste segment wordt veel geconcurreerd op prijsniveau,” vertelt Simon Petrus van Maistro Kappers. “Hier komt het aan op kniptechniek, klantbinding en de producten die je gebruikt. Ik zit hier nu 6,5 jaar en kan zeggen dat ik geen last heb van een moordende concurrentie.”
 
Peti Langstraat, eigenaresse van kapsalon Haar van Boven, denkt er net zo over. “Hier in de straat hebben wij geen last van elkaar. Wij hebben een vaste klantenkring. Veel mensen uit de omliggende gemeenten als Zwijndrecht en Dordrecht komen hier terug.”
 
Wel geeft Langstraat aan zich te herkennen in de toename van het aantal haarwinkels. “Absoluut, om je heen worden het er steeds meer. Er is ook een ‘shopcultuur’ ontstaan. Jongeren komen binnen en vragen hoeveel een knipbeurt kost. Als het ze te duur is gaan ze ergens anders heen waar het voor 10 euro kan.”
 
Volgens directeur Vos (ANKO) is het belangrijk dat salons zich de komende jaren focussen op een specifieke doelgroep. “De concurrentie wordt heviger en daarom is het belangrijk dat zaken meer doelgroep gericht gaan werken. Wanneer dat niet gebeurt voorzie ik de komende jaren een afname van de hoeveelheid salons in Nederland.”
 
Peti Langstraat,eigenaresse van kapsalon Haar van Boven aan de Witte de Withstraat,merkt weinig van de concurrentie. Haar zaak draait goed.
Peti Langstraat,eigenaresse van kapsalon Haar van Boven aan de Witte de Withstraat,merkt weinig van de concurrentie. Haar zaak draait goed.